De zwarte lijst van jeugdzorg

In het kader van het blootleggen van het wangedrag van jeugdzorg is het ten behoeve van de bestuurders van de gemeenten van belang dat zij op de hoogte zijn van het gedrag van managers en van uitvoerders van het wanbeleid op de werkvloer; met naam en toenaam. Bijgaande brief is aan tientallen jeugdzorgmedewerkers en –bestuurders gestuurd.

Dames en heren,

 

Zoals u weet houd ik mij op afstand en intensief bezig met vrijwel alle bureaus jeugdzorg in Nederland. In het bijzonder richt ik mij op het inhumane gedrag van managers en medewerkers op de werkvloer jegens kinderen en hun ouders. Daartoe breng ik nauw gezet in kaart de handelwijze van de betrokkenen. Ik wijs u in dit verband op de jarenlang volgehouden mishandeling van kinderen en moeder in de zogenaamde Ilja-casus waaraan onlangs door de kinderrechter in Arnhem rigoureus een einde is gemaakt, omdat alle beschuldigingen van jeugdzorg, het Leger des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming over dit gezin volledig onjuist zijn gebleken. In deze casus kan een enorme schadeclaim jegens de betrokken instanties tegemoet worden gezien.

Ook in dit geval was het zeer inhumane gedrag van de uitvoerenden op de werkvloer opmerkelijk. Volstrekt onbegrijpelijk zijn in dit verband de a-christelijke mores van het Leger des Heils. Het gedrag van jeugdzorg-medewerkers verwijdert zich vaak ver van wat in het maatschappelijk verkeer normale, menselijke gedragspatronen zijn. Daarvoor is geen aanleiding en geen redelijke verklaring, behalve dat managers de bescherming van kinderen opofferen aan een niets ontziende strijd om geld en werkgelegenheid. Het motief van uitvoerenden om hieraan mee te doen, moet worden gezocht in hun familieachtergrond. Mishandeling van andere mensen is – zoals bekend – vaak intergenerationeel: runs in families. Zowel managers als uitvoerenden moeten rekening houden met kinderen die als volwassenen verhaal komen halen, vooral nu jeugdzorg-medewerkers via internet steeds makkelijker te vinden zijn.

Tegen de achtergrond van de overgang van jeugdzorg van de centrale overheid naar de gemeenten informeer ik de politiek verantwoordelijken op lokaal niveau over het wangedrag van jeugdzorg-medewerkers waartoe u ook behoort. Daarin betrek ik ook het optreden van bureaus jeugdzorg, het Leger des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming in de rechtszaal en met name de valse voorlichting die telkens wordt gegeven. Zoals bekend deed de Kinderombudsman ook al onderzoek naar de vele foutieve rapportages van jeugdzorg, maar het verkeerd voorlichten van de rechterlijke macht is nog altijd aan de orde van de dag. Sinds ik begon registreer ik wel een bescheiden kentering in de houding van kinderrechters en ook van kortgedingrechters waardoor minder slaafs de beweringen van bureaus jeugdzorg worden gevolgd. Van tijd tot tijd breng ik u via onze website http://humaniseringvandejeugdzorg.nl op de hoogte van onze vorderingen.

Hoogachtend,

A. Heertje

Gebrek aan fatsoen en een falende rechtstaat!

Als vervolg op het artikel “Kind van de Rekening?” van Trudy Keulers en prof. Arnold Heertje in het Katholiek Nieuwsblad volgen hier de briefwisselingen tussen Trudy Keulers en de klachtencommissie van de Raad voor de Kinderbescherming, en haar brief aan de Kinderombudsman.

Keulers_fragment

Een brief  van mevrouw Keulers aan de klachtencommissie van de Raad voor de Kinderbescherming. Lees hier >>
Bijlagen bij de brief:
Foto’s van de politie voor het huis
Foto’s van dezelfde politiewagen in Eindhoven

Een e-mail van de klachtencommissie van de Raad voor de Kinderbescherming aan mevrouw Keulers. Lees hier >>

Een brief van mevrouw Keulers aan de Kinderombudsman. Lees hier >>

En een vervolgbrief van mevrouw Keulers aan de Kinderombudsman met een toelichting.
Lees hier >>

Trudy Keulers is de oma van de kinderen en is tevens juriste.

Inhumane jeugdzorg in Uden (2)

Hierbij de brieven aan de burgemeester van Uden en het onderwijs aldaar. Het komt erop neer dat de belangen van het meisje Lhana van der Burgt ondergeschikt worden gemaakt aan het financiële gewin van de School De Tandem en de gemeente Uden. De burgemeester die zou kunnen in grijpen, kijkt passief toe en laat het gebeuren. Deze houding zien wij vaker maar dat is volstrekt onaanvaardbaar.

Wed, 5 Nov 2014 20:13

Waarde burgemeester Hellegers,

Mede door intensieve contacten in de gemeente Uden ben ik op de hoogte van de inhumane respectievelijk afschuwelijke wijze waarop de dochter Lhana  van de heer en mevrouw van der Burgt basisonderwijs ontvangt, nu op een school voor speciaal basisonderwijs. Al enige jaren spelen verscheidene instanties, waaronder jeugdzorg, een kwalijke rol die daarbij handelen in strijd met de wet.  Per saldo kunnen de gebeurtenissen het daglicht niet velen. Mag ik er bij u langs deze informele weg op aandringen het daarheen te leiden dat dit meisje op een normale wijze opgroeit niet gehinderd door pesterijen en onnodige bemoeienissen van pseudodeskundigen?

Hoogachtend,

A. Heertje

 

Wed, 5 Nov 2014 21:28

Geachte mijnheer Heertje,

Het oordeel in uw mail is stevig. U zult het mij vast niet kwalijk nemen dat de situatie mij niet bekend voor komt. De heer en mevrouw vd Burgt zijn mij niet bekend. En evenmin de casus, waarop u duidt. Ik heb uw mail daarom uitgezet in mijn kabinet met het verzoek mij hierover te informeren. Wat daaruit ook moge komen, de heer en mevrouw vd Burgt mogen zeker ook contact met mij en/of wethouder Jeugdzaken/onderwijs opnemen. Wanneer ik meer informatie heb, zal ik u zeker informeren.

Met vriendelijke groet,

Henk Hellegers

 

Thu, 6 Nov 2014 21:43

Waarde burgemeester Hellegers,

Dank voor uw snelle reactie. Volledig begrijp ik dat u niet van deze casus op de hoogte bent. Echter, wanneer u erin duikt of één van uw medewerkers zich op de hoogte stelt, begrijpt u volledig waarom ik even aan de bel heb getrokken. Ik heb de familie gezegd dat met u of de wethouder contact kan worden opgenomen. Ik verwacht er alleen maar goeds en lering van.

Met vriendelijke groeten,

Arnold Heertje

 

Fri, 14 Nov 2014 19:16

Geachte burgemeester,

Ik begrijp dat u in de zaak Van der Burgt niet de juiste gesprekspartner bent. De vraag komt daarom op wie dat in uw gemeente wel is. Wellicht de betrokken portefeuillehouder. Wilt u deze in contact brengen met de familie? Ik zie anders de hele zaak in de publiciteit verschijnen en dat doet noch uw college noch de gemeente Uden enig goed.

Met vriendelijke groet,

Arnold Heertje

 

Lees ook de brief aan school De Tandem in Uden >>

Inhumane jeugdzorg in Uden (1)

Mail aan school De Tandem in Uden, inzake Lhana van der Burgt. 

Wed, 19 Nov 2014 16:56

Geachte mevrouw van den Broek,

Ik wend mij tot u inzake Lhana van der Burgt. Onder uw verantwoordelijkheid wordt op een afschuwelijke wijze met de belangen van dit meisje omgegaan. Een en ander volledig in strijd met wat van een te respecteren onderwijsinstelling mag worden verwacht. Kennelijk laat u zich volledig leiden door financiële redenen. Nu de burgemeester het ten onrechte laat afweten, ligt de volle verantwoordelijkheid voor de desastreuze gevolgen van uw handelwijze op uw bord. Ik roep u op snel constructieve en humane stappen te zetten, zodat de naam van niet alleen de gemeente Uden maar ook van het hele onderwijs in Uden niet verder wordt besmet.

Hoogachtend,

A. Heertje

Lees ook het vervolg met de brieven aan de burgemeester van Uden >>

Een beslissende doorbraak

Door: Arnold Heertje

Langer dan een jaar ben ik intensief betrokken bij de zaak over de mishandeling van mevrouw Antonova uit Culemborg, haar tweeling en hun halfbroer Ilja, door het bureau Jeugdzorg Gelderland. Bijna drie jaar geleden zijn de toen negenjarige kinderen volstrekt ten onrechte uit huis geplaatst en de speelbal geworden van een reeks van dubieuze instellingen: Bureau Jeugdzorg Gelderland, het Legers des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming. Tientallen juridische procedures zijn er gevoerd om de kinderen weer bij moeder thuis te krijgen; tegen Bureau Jeugdzorg, het Leger des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming. Telkens zagen deze organisaties kans de afschuwelijke toestand te continueren. De kinderen misten niet alleen een thuis maar ook hun vertrouwde school. Het belang van de kinderen werd volledig opgeofferd aan het oogmerk van Bureau jeugdzorg Gelderland, het Leger des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming, namelijk: zoveel mogelijk geld aan de uithuisplaatsing te ontlenen.

Niet alleen ik had correspondentie met de vestigingsmanager R. Pullen van het Leger des Heils Zutphen, de gezinsvoogden C. Veddeler en M. Pormes van hetzelfde Leger des Heils en mevrouw A. Hendriks van de Raad voor de Kinderbescherming; vooral met deze laatste mevrouw viel geen land te bezeilen. Tevergeefs deed ik een beroep op de humane en christelijke achtergrond van de topmensen van het Leger des Heils, de heren Vader en Palsma. De zaak trok internationaal de aandacht in het verkeer tussen de Russische en Nederlandse minister van Buitenlandse zaken en ook van het Europese parlement.

Onder hevig protest van het Leger des Heils Gelderland nam de kinderrechter in Arnhem vandaag – op grond van een vernietigend rapport over de handelwijze van Jeugdzorg Gelderland, het Leger des Heils en de Raad voor de Kinderbescherming van een vooraanstaande deskundige – het besluit de kinderen onmiddellijk naar de moeder te laten gaan. Het Leger des Heils probeerde tevergeefs van de rechter gedaan te krijgen dat deze ermee akkoord zou gaan dat op verzoek van het Leger des Heils de moeder zou afzien van mogelijke procedures tegen het Leger des Heils.

Voor allen die zich verzetten tegen de handelingen van types als Erik Gerritsen René Meuwissen, Jan-Dirk Sprokkereef, Hans Lomans, Martin Sitalsing, Hans Kamps en Arthur Schellekens jegens volstrekt onbeschermde kinderen, is deze ommekeer in het juridisch omgaan met wat door de Bureaus Jeugdzorg, het Leger des Heils en de Raden voor de Kinderbescherming bij de rechterlijke macht wordt aangereikt, van verstrekkende en grote betekenis. Dit verzet komt van de kinderen (zoals Ilja, Sylvano en Remzi Cavdar) van moeders (zoals Kik de Jong en Nora Yorukseven), van vaders (Maarten Kalf) en van derden.

Mijn inschatting is dat het roer nu om gaat. Ik roep daarom Vader en Palsma op met mij te overleggen over het inslaan van het humane in plaats van het inhumane traject (zie “Economie” vijfde druk blz 326 – 327). De schade die door de instellingen jeugdzorg, het Leger des Heils en de Raden voor de Kinderbescherming is aangericht is enorm – bovenal in menselijk opzicht –  maar kent ook een financiële kant. Voor de gemeenten breken moeilijke tijden aan, voor de kinderen ziet de toekomst er misschien iets beter uit.

 

NB Ten slotte, mevrouw Lousberg van het kantoor Korver – Van Essen zag haar inhumane eis: de omgang van vader en dochter voor drie jaar te stoppen; bij dezelfde rechtbank in Arnhem vandaag eveneens stranden.

Dreigbrieven van advocaten

Regelmatig ontvang ik van de zijde van directeuren van jeugdzorg uit Gelderland, Rotterdam en Amsterdam bedreigingen via advocaten met kort gedingen en allerlei maatregelen. Zo ontving ik de onderstaande brief van Mr. Lousberg van Korver en Van Essen Advocaten. Het is nuttig om deze brief gewoon naar buiten te brengen.

Geachte heer Heertje,

In reactie op uw mails van gisterenavond alsmede van dinsdag 4 november ll. bericht ik u als volgt.

De brief die ik aan de heer en mevrouw Kalf heb gezonden, is niet voor publicatie geschikt. Cliënte stelt zich op het standpunt dat de belangen van haar dochter worden geschonden indien daartoe zou worden overgegaan.

Ik heb u geen toestemming gegeven voor publicatie van mijn brief en voor zover noodzakelijk verbied ik u hierbij, mede namens cliënte, om mijn correspondentie te publiceren.

Met vriendelijke groet,
mr. M. Lousberg

Oproep aan BJZ: “Stop de jeugdzorg razzia’s!”

Aan directie en medewerkers jeugdzorg Friesland, die verantwoordelijk zijn voor het misdadige optreden jegens de Amerikaanse mevrouw A. Bontekoe en haar zoon Sylvano.

Met verbijstering heb ik kennis genomen van uw bevel mevrouw Bontekoe met acht politieagenten te arresteren en uw pogingen op dezelfde wijze de verblijfplaats van haar ondergedoken zoon te achterhalen. Blijkbaar ontgaat u dat uw optreden lijkt op de wijze waarop Joodse kinderen voor vijf gulden verraden door hun landgenoten, door Nederlandse politieagenten en verwanten zijn gearresteerd.

Aan deze praktijken moet direct een einde komen, ook in dit geval. Ik ben op de hoogte van de betrokken namen. U bent allen persoonlijk verantwoordelijk voor dit schandelijke gedrag dat het daglicht niet kan velen. Openbaarmaking is daarom zeker op iets langere termijn geboden. Ik verzoek u terstond met deze razzia’s en vervolgingen te stoppen, mevrouw Bontekoe in vrijheid te stellen en Sylvano naar zijn moeder te laten gaan. Op mijn website wordt deze oproep gepubliceerd.

Hoogachtend,
A. Heertje

“Komt Van Rijn aan Sylvano, dan komt hij aan mij!”

Door: Arnold Heertje

Staatssecretaris Martin van Rijn (PvdA), die verantwoordelijk is voor het beleid inzake jeugdzorg, gaat onderzoek doen naar het ondergrondse netwerk van adressen waar kinderen die door jeugdzorg worden vervolgd, onderduiken. De staatssecretaris is een van de betere bestuurders van het kabinet Rutte, maar hier slaat hij de plank volledig mis! Dat komt omdat hij evenals zovele bestuurders van mijn politieke partij, geen enkel benul heeft van de gang van zaken op de werkvloer van jeugdzorg.

Van Rijn weet niet hoezeer in de uitvoering sprake is van inhumaan gedrag door gezinsvoogden, teammanagers en allerlei pseudodeskundigen van de Raad van de Kinderbescherming, het Legers des Heils, de William Schrikkergroep, christelijke jeugdzorg SGJ en aanpalende instellingen zoals de Hoenderloo Groep, LSG-Rentray/Intermezzo, Groot Emaus, Spirit, de Bascule, Lindenhout en Humanitas. Zij allen worden aangestuurd door directeuren jeugdzorg zoals Erik Gerritsen, Jan-Dirk Sprokkereef, Hans Lomans, René Meuwissen, Hans Kamps en Arthur Schellekens die helemaal niet – zoals de staatssecretaris denkt – de veiligheid van de kinderen waarborgen. Ze worden namelijk geleid door perverse financiële prikkels en zijn uit op zoveel mogelijk geld en werkgelegenheid. Van Rijn heeft een volstrekt verkeerde voorstelling van jeugdzorg waardoor hij het ontstaan van een ondergronds netwerk niet kan plaatsen.

Ik kan dat wel omdat ik weet dat kinderen op grote schaal worden opgejaagd en geestelijk worden mishandeld door jeugdzorg en daarom willen vluchten naar voor hen veiliger oorden in Nederland en elders. Uit eigen ervaring ken ik het onderduiken uit mijn jeugd en de achtergrond nu verschilt niet wezenlijk van die van toen. Alleen ditmaal zijn de onderdrukkers geen bewapende buitenlanders in uniformen, doch zo op het oog nette mensen voor wie de kinderen winstobjecten zijn. Niet alleen de kinderen maar ook vaders en moeders zijn het slachtoffer van deze inhumane praktijken. Zolang de staatssecretaris niet de werkelijkheid onderkent die in alle instellingen van jeugdzorg heerst – die onder het mom van privacy en bescherming van kinderen een schrikbewind voeren waarvan duizenden kinderen de dupe zijn – wordt het ondergrondse netwerk groter en het onderduiken schering en inslag. Deze ontwikkeling kan moreel door mensen die, zoals ik, weten hoe de vork in de steel zit, alleen maar worden gesteund.

De aanpak die de staatssecretaris nu kiest, namelijk de vervolgden en opgejaagden vervolgen, is een sociaal-democraat onwaardig. Als hij aan Sylvano komt, komt hij aan mij! Daarop blijf ik hem attent maken tot het over is.

Jeugdzorg staat op een kruispunt

Door: Arnold Heertje

Sneller dan ik had verwacht is in de jeugdzorg in Nederland de paniek uitgebroken. De strategie om bloot te leggen wat er op de werkvloer van de jeugdzorg in heel Nederland gebeurt – door de betrokken bureaus jeugdzorg, de Raad voor de Kinderbescherming, het Leger des Heils, de William Schrikkergroep, christelijke jeugdzorg SGJ en allerlei aanpalende instellingen zoals de Hoenderloo Groep, LSG-Rentray/Intermezzo, Groot Emaus, Spirit, de Bascule, Lindenhout en Humanitas – blijkt succesvol. Kern daarvan is het vermelden van namen van gezinsvoogden, teammanagers en gedragsdeskundigen die aangestuurd door boegbeelden als Erik Gerritsen, Jan-Dirk Sprokkereef, Hans Lomans, René Meuwissen, Hans Kamps en Arthur Schellekens zich inhumaan gedragen jegens vaders, moeders en kinderen.

Terwijl jeugdzorg om het beschermen van kinderen zou moeten gaan, zijn deze volledig uit beeld verdwenen en zijn zij een speelbal geworden van perverse financiële transacties. Het gaat bestuurders en hun raden van toezicht erom – door onterechte uithuisplaatsingen, ondertoezichtstellingen en door het  het inroepen van zogenaamde deskundigen voor vermeende kwalen – zoveel mogelijk subsidiegeld en werk te genereren. De overgang van jeugdzorg van het Rijk naar de gemeenten is het aansteken van de lont in dit onhoudbare kruitvat. Daardoor komt in feite grootschalig naar buiten, wat jarenlang onder het mom van privacy onder de pet moest blijven: het complex van – vanuit het oogpunt van kinderen en ouders – misdadige praktijken. Een voortreffelijke illustratie van de uitgebarsten paniek is het stuk van Gerritsen, directeur van jeugdzorg Amsterdam, in het Parool van zaterdag 27 september.

De lezer moet weten dat onder zijn leiding een reeks van dames en heren honderden kinderen op een afschuwelijke wijze bejegent, zodanig dat sprake is van grootscheepse kindermishandeling. In de tientallen dossiers waarover ik beschik, komen steeds dezelfde patronen naar voren waarvan de hoekstenen zijn: inhumaniteit en het verbieden van waarheidsvinding. De betrokken namen heb ik vermeld in de uiteenlopende drukken van mijn boek Economie waarin voor het eerst in Nederland aandacht is gevraagd voor de inhumane jeugdzorg. Zojuist is de vierde druk verschenen waarin ik de tekst nog enigszins heb aangescherpt. Vanwege de poging van de heer Gerritsen mij monddood te maken, schreef ik hem onlangs de volgende brief:

Geachte heer Gerritsen,

Recentelijk ontving ik van u enkele dreigbrieven en verscheidene dreigmails. U bedreigt mij onder meer met juridische maatregelen, kort gedingen en financiële aanslagen. Zoals reeds is gebleken trek ik mij van al deze epistels niets aan. De reden is dat ook onder uw leiding op de werkvloer van jeugdzorg nog steeds afschuwelijke bejegeningen plaats hebben van kinderen, vaders en moeders. Telkens is de achtergrond een perverse financiële prikkel, zoveel mogelijk geld binnenhalen bijvoorbeeld door het onterecht uit huis plaatsen van kinderen en de werkgelegenheid van uw medewerkers die meestal opdrachten hebben waarvoor ze niet in de wieg zijn gelegd. Het is een publiek belang deze praktijken bloot te leggen, niet alleen in Amsterdam doch ook elders. Kortom, zoals reeds in mijn recente boek ‘Economie’ aangekondigd ga ik door met het aan de kaak stellen van de inhumane jeugdzorg in geheel Nederland.

Hoogachtend,

A. Heertje

Nu de dagen van Gerritsen als bestuurder van jeugdzorg zijn geteld, werpt hij zich in het Parool op als de beschermer van de kinderen (zijn positie doet erg denken aan die van Mindert Mulder bij de NZA, die als directeur is ontslagen vanwege zijn rol in de zelfmoord van Arthur Gotlieb, de klokkenluider die bij de NZA soortgelijke misstanden heeft blootgelegd). Ineens spreekt Gerritsen van “een versnipperd en verbureaucratiseerd systeem’, van ‘zorgen die terecht zijn’ en ‘risico’s die reëel zijn” en roept hij valselijk op te vertrouwen op de professionaliteit van jeugdzorg. De klap op de vuurpijl is dat 95% van de kinderen bij jeugdzorg volgens Gerritsen gelukkig zou zijn, terwijl de percentages eerder omgekeerd liggen. Hij roept op tot samenwerken, terwijl hij al die jaren verantwoordelijk is voor het systeem dat hij nu bekritiseert en als potentaat juist het tegendeel belichaamde van samenwerken waartoe hij nu oproept.

Elders in het land worden gezinsvoogden en andere medewerkers van jeugdzorg reeds ontslagen, worden budgetten terug geschroefd; bezuinigingen die het positieve effect hebben dat aan de inhumane activiteiten nu noodgedwongen een halt wordt toegeroepen. Ongetwijfeld poogt Gerritsen aan een bijltjesdag te ontkomen, maar daarvoor is het nu te laat en heeft hij teveel verderf veroorzaakt. Bijvoorbeeld door het benutten van de betrokkenheid van ouders waartoe hij nú oproept, juist op een intimiderende en ‘bevel is bevel’ attitude de grond in te boren.

In zijn recensie van mijn boek Economie, verschenen in de NRC van vrijdag 26 september, wees Cees Banning terecht op de jeugdzorg als voorbeeld van inhumane architectuur en op mijn suggestie voor humanisering door het toepassen van Mechanism Design. Daarom moet nu de weg worden ingeslagen naar humanisering van de jeugdzorg door nieuwe bestuurders en nieuwe mensen op de werkvloer.

Stichting Mikey-Max (2)

E-mail aan mevrouw Bakker; advocate bij Van Diepen en Van der Kroef.

From: A. Heertje

Sent: Tuesday, August 12, 2014 11:37 PM
To: mevrouw Bakker
Subject: Stichting Mikey-Max

Geachte mevrouw Bakker,

In uw e-mail blijft in het midden wie de cliënt is, Verzijden, Gerritsen, of een derde. Gemakshalve neem ik aan dat u het over Verzijden hebt. In dat geval kiest uw cliënt de openbaarheid door het aanspannen van een kort geding tegen een publieke rechtspersoon en het onder derden verspreiden van een concept-dagvaarding.

In deze dagvaarding wordt Verzijden met naam en toenaam vermeld. Op internet maakt Verzijden zelf melding van zijn verbintenis met de Hogeschool van Amsterdam. Hij rapporteert rechtstreeks aan het college van bestuur. De berichtgeving is derhalve geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van Verzijden. De heer Verzijden wordt niet in een kwaad daglicht gesteld. Dus er is geen inbreuk op eer en goede naam.

De website beschikt door vrije nieuwsgaring over informatie door Verzijden zelf in het maatschappelijk verkeer gebracht. De berichtgeving blijft in volstrekt feitelijke sfeer. De website heeft geen melding gemaakt van de inhoud van de dagvaarding, hoewel deze vanuit een oogpunt van humanisering van de jeugdzorg van grote betekenis is. Van een onrechtmatige daad (wetsartikel 6:162) is geen sprake. Ook niet in de zin van strijdigheid met een wettelijke plicht of de maatschappelijke betamelijkheid.

Vooralsnog zie ik daarom geen reden aan uw sommatie te voldoen. Echter, voor een finaal oordeel wens ik mijn raadsman te raadplegen, die evenals de heer Rutte met vakantie is. Daarom kan ik u eerst vrijdag definitief berichten.

Overigens merk ik op het volstrekt onnodig te vinden mij op een intimiderende wijze toe te spreken, een wijze die wellicht succes heeft bij anderen, maar in mijn geval vanwege mijn langdurige ervaringen veeleer een averechts effect heeft.

Met vriendelijke groeten,

A. Heertje